Opbouwverslag, deel 3
Het is vrijdagmorgen en het terrein ligt er zonovergoten bij. Aan de ene kant van het Parkpopterrein wordt hard getimmerd aan de podia en wordt de hele productie aangestuurd, maar ook aan de andere kant wordt hard gewerkt. Dit is het domein van Ron Koebrugge, die al 23 jaar de catering op Parkpop doet. Het is een lange stoet aan wagens en tentjes die zondag de dorstige en hongerige mens zal voorzien van diens natje en droogje. Halverwege de opbouwweek is er al begonnen met de opslag van niet bederfelijke waar.
“Je wilt zo veel mogelijk mensen zo snel mogelijk voorzien van eten en drinken op het festival. Het is een lange dag van 11 tot 21 uur, met een piek tussen 15 en 20 uur.” Om dat voor elkaar te krijgen wordt er een klein legertje ingeschakeld. Koebrugge zelf heeft 400 man rondlopen en daar komen er nog eens zo’n 200 bij van bedrijven die er in onderpacht staan. “Mijn vaste mensen weten wat ze moeten doen en we werken al 10 jaar met hetzelfde uitzendbureau, die kennen het klappen van de zweep ook wel!” Over de versnaperingen hoeven we ons dus geen zorgen te maken.
De weersomstandigheden zien er nog altijd prima uit voor de festivaldag en de geroutineerde Ron weet wel wat dat betekent. “Veel water inslaan, ijsjes en fruit. Het eten komt meestal later op gang als het warm is. Mensen houden wel rekening met het weer.” En hoewel er best het nodige bier doorheen zal gaan, wordt er dan toch relatief meer water en frisdrank verkocht.
Rondlopen op het backstage terrein is goed oppassen. Vrachtwagens, heftrucks en allerhande soorten karretjes crossen kriskras door elkaar. Maar die hoor je tenminste nog aankomen. Nieuw dit jaar zijn de elektrische brommers. Die scheuren overal tussendoor, maar zijn alleen hoorbaar als de bereider zijn toeter gebruikt, of gewoon hard schreeuwt. “Opgepast!”
Wim Noordzij van de organisatie vind het een goede zet. “Op deze manier brengen we de uitstoot van uitlaatgassen terug en dragen we een steentje bij aan het milieu. Een groene oplossing, want we zitten tenslotte in een groen park!”


